|
WELKOM op deze pagina van de "BEEMSTER KEYSER"
Bijzonder
koorconcert
met Matthijs
Koene in
Keyserkerk
Middenbeemster
De serie
koorconcerten
in de
Keyserkerk
van
Middenbeemster
wordt op
vrijdag 11
mei
vervolgd met
een optreden
van
Toonkunstkoor
Alkan uit
Amsterdam,
panfluitist
Matthijs
Koene en
organist
Gijs Boelen.
Werken uit
de
renaissance
en moderne
composities
markeren dit
bijzondere
concert
waarbij
zelfs sprake
zal zijn van
een eerste
uitvoering
namelijk een
speciaal
voor
Matthijs
Koene en het
Van
Dam-orgel
van
Middenbeemster
geschreven
werk door
componist
André Douw.
Overigens
klinken deze
avond
uitsluitend
Nederlandse
composities.
Toonkunstkoor
Alkan is een
Amsterdams
kamerkoor
dat al zo'n
30 jaar
concerteert.
De huidige
dirigente is
de
Australische
Jane Lang
die zich na
haar
opleiding in
Amsterdam
vestigde en
sindsdien
aan meerdere
ensembles
leiding
geeft.

Panfluitist
Matthijs
Koene is in
Waterland
een bekende
verschijning,
hij is
afkomstig
uit de
Beemster. Op
panfluit
studeerde
hij cum
laude af aan
het
Sweelinck
conservatorium
te Amsterdam
waar hij
inmiddels
zelf als
docent aan
verbonden
is. Als
panfluitist
beschikt hij
over een
breed
klassiek
repertoire
met
specialisme
in de
moderne
muziek,
reden waarom
inmiddels
een aantal
componisten
werken voor
hem
schreven.
Koene treedt
veelvuldig
in en buiten
Nederland
op, zelfs in
de New
Yorkse
Carnegie
Hall mocht
zijn
bijzondere
instrument
klinken.
Organist
Gijs Boelen
is
vergevorderd
in zijn
studie aan
het
Sweelinck
conservatorium,
hij bespeelt
deze avond
zowel in
begeleiding
als solo's
het van
Dam-orgel..
Op 11 mei
klinken in
Middenbeemster
renaissance-composities
en wel van
Jacob van
Eyk en de
befaamde Jan
Peterszoon
Sweelinck.
Daarna wordt
een flinke
sprong in de
tijd genomen
naar de 20e
eeuw. Boelen
speelt een
werk van
Jacob
Bijster
waarna de
21e eeuw aan
bod komt.
Componist
André Douw
schreef
speciaal
voor de
panfluit van
Matthhijs
Koene en het
fraai
gerestaureerde
Van
Dam-orgel
van de
Keyserkerk
een werk
genaamd
“Klaagzang”.
De première
hiervan
heeft
tijdens dit
concert
plaats. Als
laatste werk
zal klinken
“Paramartha”,
eveneens van
André Douw
en
geschreven
voor Jane
Lang. Op
Oud-Javaanse
teksten
waarbij
tevens
slagwerker
Roberto
Hernandez
Soto zijn
medewerking
zal geven.
Al met al
een
bijzonder
concert
waarin de
renaissance
en de
moderne tijd
door koor en
panfluit
worden
verbonden.
|
Recensie
overgenomen
uit het NHD.
Hype brengt
met Matthijs
Koene groot
muzikant
voort
Eens was de
panfluit in
Nederland
een hype.
Die
belangstelling,
ook op
conservatoria
is inmiddels
al weer
enige tijd
tanende. Wel
heeft de
kortstondige
opleving een
groot
muzikant
opgeleverd
in de
persoon van
Matthijs
Koene.
Het is niet
alleen door
het feit dat
panfluitisten
dun gezaaid
zijn dat de
nog jonge
panfluitist,
afkomstig
uit de
Beemster, al
een
behoorlijke
staat van
dienst
heeft. Dat
hij veel
gevraagd
wordt voor
optredens in
binnen- en
buitenland
is vooral te
danken aan
zijn
veelzijdigheid
en grote
muzikaliteit.
Eigenschappen
die ook
componisten
aantrekken
om voor hem
te
schrijven.
Vrijdag
bracht
Matthijs
Koene de
première van
een werk dat
componist
André Douw
voor hem
schreef. Op
het
programma
stond ook
een
omvangrijk
koorwerk
uitgevoerd
door
toonkunstkoor
Alkan uit
Amsterdam.'Paramartha'
voor gemengd
koor en
slagwerk is
gebaseerd op
een
twaalfde-eeuwse
Javaanse
tekst. Voor
Douw een
uitgangspunt
om te
experimenteren
met klanken
en geluiden.
Invloeden
uit de
niet-westerse
muziek zijn
duidelijk.
Regelmatig
doemen
associaties
op met de
gamelancultuur
en de harde
zweepslagen
van
slagwerker
Roberto
Hemandez
Soto doen
denken aan
de Japanse
hofmuziek.
Niet
verwonderlijk
daar de
componist
enige tijd
in Tokyo bij
Toru
Takemishu
studeerde.
Het werk had
vooral een
ritueel en
hermetisch
karakter.
Datzelfde
gold ook
voor het aan
Koene
opgedragen
werk.
'Klaagzang'
voor
panfluit en
orgel is
geïnspireerd
door de late
seriële
Strawinsky
en verenigt
alle sobere
trekken van
die laatste
stijlperiode.
Het bestaat
uit vijf
canons die
verrassend
genoeg
afgewisseld
worden met
Franse
barokdansen.
Aardig is
een passage
waar het
orgel in
tremolo's de
typische
panfluitklank
imiteert.
Organist
Gijs Boelen
soleerde
vervolgens
op het Van
Damorgel in
de 'Deuxième
Choral' van
Jacob
Bijster, een
vooral door
de Franse
orgelstijl
beïnvloedde
componist
uit de
twintigste
eeuw. In het
aan
Nederlandse
componisten
gewijde'
programma
was ook
aandacht
voor muziek
uit de
Barok. Van
Sweelinck
klonk een
door Alkan
schitterend
uitgevoerd
koorwerk. En
Koene bewees
hoe een stuk
van Jacob
van Eyck
oorspronkelijk
voor
blokfluit
schitterend
kan worden
overgedragen
op zijn
instrument.
EUGENE
BE5ANÇON
 |
|