PROTESTANTSE GEMEENTE BEEMSTER

 

 

"ROND KERK & KAPEL"

Home

Info

Actueel

Jeugd

Overweging

Geschiedenis

Foto's

Andere Kerken

Bestuur...

Restauratie

"De Beemster Keyser"

 

KERKNIEUWS

Organist en Uitvaart
Vele jaren geleden overleed een buurvrouw en werd mij verzocht tijdens de uitvaartdienst in Driehuis-Westerveld (het oudste crematorium in Nederland) het orgel te bespelen. Tot mijn vreugde trof ik een groot romantisch pijporgel. Voor die uitvaart bevond ik mij op een gegeven moment in de catacomben van het crematorium, in de zogeheten regelkamer, vanwaar één en ander dus werd geregeld en ook de verzochte CD's werden opgezet. De baas van de regelkamer was een groot muziekliefhebber en had een voortreffelijke collectie klassieke muziek aangelegd, stapels CD 's. En terwijl hij door de microfoon riep dat “zaal twee kon doorkomen” (er zijn daar twee uitvaartzalen), toonde hij zijn treurnis dat altijd maar weer de “Begrafenis Top 3” moest worden gedraaid, en dat zijn prachtige CD's van Brahms, Bruckner, Berlioz, enzovoort, in de schappen bleven liggen. Als ware liefhebber van de klassieke muziek deed hem dat veel verdriet, en hij werd er beroepshalve ook nog eens de hele dag mee geconfronteerd. Het was de tijd van Mieke Telkamp ’s gouden plaat, “Waarheen leidt de weg . .”.

Ook vandaag-de-dag is er de “Begrafenis Top 3”, zelfs meerdere, kijk maar op internet. De grote uitvaartondernemingen publiceren hun eigen top-3 of zelfs top-50. Borsato, Clapton en Bocelli scoren momenteel het hoogst. Hoe zit dat met de uitvaartdiensten in de kerken? Men zegt wel dat de kerk een afspiegeling van de maatschappij is, dus ook in de kerk is er een top-3 van gezongen liederen tijdens de uitvaartdiensten. En omdat de CD inmiddels ook oprukt in de kerk gaat een en ander wat door elkaar lopen. Borsato concurreert met “Wat de toekomst brengen moge”.

Als we het beperken tot de kerkelijke liederen dan schat ik de top-3 in de Beemster op: “Wat de toekomst brengen moge”, “De Heer is mijn Herder” en “Aan U behoort, o Heer der heren”. Prachtige liederen natuurlijk, waarbij het laatste (Gezang 479) als het “Beemster Gezang” mag worden aangemerkt. Bekend van de traditionele Beemster Biddag en ook van wat “uitvaart-elementen” in de tekst voorzien.
Hoe denkt de organist hierover, in dit geval een organist die inmiddels zo'n 45 jaar lang van tijd tot tijd in een uitvaartdienst speelt? Daar ligt, eerlijk gezegd, wel enigszins een parallel met die regelbaas van Driehuis-Westerveld: je wil wel eens wat anders spelen. Er zijn zoveel prachtige liederen, evenzo mooi getoonzet. Er is zoveel fraaie orgelmuziek en muziek voor orgel en instrument of vocalist. Maar je denkt ook: je zit daar niet voor jezelf op die orgelbank, je bent “ten dienste” van die uitvaart. Dus organist, stel je bescheiden op!

De veel besproken jarenlange ontkerkelijking, het oprukken van de Bauers en de Borsatos en niet te vergeten streekgenoot Jan Smit, het verschijnsel van de continue achtergrondmuziek op straat en in winkels, het zijn allemaal elementen die ook hun invloed doen gelden in de uitvaartdienst. Zeker waar, zoals in de Beemster, ook mensen die niet meer de “gewone kerkdienst” bezochten, wel hun uitvaart vanuit de kerk hebben. Op zich is dat laatste mooi, waar is in deze polder een fraaiere ambiance voor de uitvaart dan de Beemster Keyserkerk?!

Zo kan de uitvaartliturgie van grote eenvoud zijn, toespraken, een paar CD-nummers en “Wat de toekomst brengen moge”. Zo kan de liturgie ook een volledige Eredienst zijn met doordachte lezingen en liederen, zeg maar “de liturgie door de eeuwen heen”. En daar kan van alles tussen zitten. De veelkleurigheid van onze PKN, voor de één een groot goed, voor de ander een brug te ver. De organist gaat zitten en speelt, hij moet zich dienstbaar opstellen maar zal natuurlijk zijn grenzen hebben. Tussen actief begeleiden en je “muzikaal behang voelen” zit een hele wereld! Daar kan ik inmiddels een brochure over volschrijven!

Ik hoop dat uw uitvaart nog vele, vele jaren op zich laat wachten, maar eens staat het voor de deur. Denk daarom eens na over die uitvaartdienst, over de wijze waarop, over de liturgie, over de liederen, over de muziek. De veelkleurigheid van onze kerk laat veel toe.

Als organist wil ik het nog even over de liederen hebben. Er is zoveel moois! Op 3 mei 2006 werd wijlen de heer Wim van Beveren in de Beemster begraven. Op Duitslandreis met de Beemster protestanten zongen wij op dat moment in de Friedens-kirche van Potsdam (bij Berlijn) Psalm 103. De lieverlingspsalm van Wim van Beveren.

Zoiets maakt een onvergetelijke indruk, niet in het minst door de kracht van psalmtekst en – melodie. Denk eens aan die psalmen. Lees Psalm 90, de psalm voor de ouderen. Is dat niet prachtig in een uitvaartdienst? Kijk eens naar het trio psalmen 90, 91, en 92. Wat een weergaloze combinatie, te kust en te keur voor de uitvaart! En wat te denken van ons repertoire uit “Zingend Geloven”. Bijvoorbeeld het lied, “Niet is het laatste woord gesproken”. En niet alleen de Romana heeft haar eigen “In Paradisum”, dat zo mooi klinkt bij de uitgeleiding uit de kerk. Ook in de Beemsterkerk zingen wij regelmatig, “Dat een engel u geleide”. Waarom niet bij een uitvaart?

Kortom, er is zoveel moois dat zo goed past. Toch een kwestie van er van tevoren eens naar kijken en die teksten tot je door laten dringen. Die begeleiding dat komt wel goed, de organist speelt wel en dan met nog veel meer passie. De veelkleurigheid van onze kerk maakt het allemaal mogelijk! De grote organist Jan Jongepier speelde op het Garrels-orgel van Purmerend toen zijn overleden vader werd uitgedragen de schitterende bewerking van Bach van “Herr Gott, nun schleuss den Himmel auf”. Als voorbeeld de tekst van de eerste strofe:

Herr Gott, nun schleuss den Himmel auf, mein' Zeit zum End' sich neiget, ich hab' vollendet meinen Lauf, dess sich mein Seel' erfreuet. Hab' g'nug gelitten, mich müd gestritten, schick' mich fein zu, zur ew'gen Ruh', lass fahren was auf Erden, will lieber selig werden…

Zo'n tekst uit Bach's tijd wordt wellicht vandaag met enige moeite gezongen, maar mooi is het wel . Zeker zo 'n “In Paradisum” van de Grote Meester op het orgel.

Wellicht vraagt u zich af, waarom over de uitvaart in een Kerstnummer? Ach, dat is misschien toeval, en: tussen Kerst en “In Paradisum” ligt, zoals u weet, een heel leven. De één werd 33 jaar, de ander leeft veel langer. En door “die één” zijn Kerst en “In Paradisum” wel met elkaar verbonden. Laten we het daar maar op houden.

 

Peter van Voorst