|

Het laatste avondmaal als eerste bouwsteen van kerkelijk
vieren

Priesters
in het wit, zoals al beschreven in het Oude Testament

De ark van het verbond met de twee engelen bevat de 10
geboden

De Klaagmuur in Jeruzalem is het restant van de laatste
tempel

De
vast avondmaalstafel
verdween in veel pro-testantse kerken, maar op het
bestek werd niet bezuinigd, integendeel.

Witte Donderdag in de
kapel – rond de tafel!

Een
tafel met verwijzing naar de ware wijnstok

De
tafel
in de kerk is er gekomen
in 1997 uit een Beemster huiskamer.
Kort
geleden is het tafelblad
opgehoogd
en
daardoor
functioneler
geworden. Fraai is anders!

Volker presenteert iets
voor onze koningin. Nog niet onze tafel die mag u eerst
zien.

Corian wordt op tal van
manieren toegepast in spannende ontwerpen

Wol van eigen schapen

In het eigen atelier

Kleuren uit ‘eigen tuin

& de Classic Frogs
|
De eerste christenen
kwamen samen in gewone huizen, op de dag na de
sabbat, de dag waar volgens het evangelie Christus
is opgestaan. Hoe men daar vierde is niet duidelijk
maar vanuit de brief van Paulus aan de gemeente van
Korinte komt naar voren dat men samenkwam om ‘de
maaltijd van de Heer’ te vieren.
Vanuit het einde van de
tweede eeuw zijn er waarschijnlijk her en der al
ruimten in gebruik genomen die niet meer
toebehoorden aan een familie, maar eigendom
waren van een
gemeenschap. Een opgegraven kerkhuis uit het begin
van de derde eeuw bevat een doopruimte met
wandschilderingen en een kerkzaal met een soort
podium.
De kerk zoals wij hem nu
nog kennen stamt uit het begin van de vierde eeuw.
Christenen hoefden zich niet meer te verbergen, het
schuilkerkhuis werd kerkgebouw. In al die
kerkgebouwen was er een ruimte voor de gemeente en
een ruimte voor de ‘clerus’. In de grote kathedralen
kon er een behoorlijke afstand groeien tussen die
beide ruimtes. Het altaar was voor gewone gelovigen
verboden terrein. In gewone dorpse parochiekerken en
zeker in protestante kerken viel die afstand
grotendeel weg. Al was de protestante preekstoel ook
bijna heilig!
Deze scheiding in
bereiken is afkomstig van de oervorm van onze kerk
en dat is de zogenaamde ‘tent der samenkomst’ zoals
die in het Oude Testament, in het boek Exodus
uitgebreid besproken wordt. In het binnenste deel
van de tent stond de ark, een grote kist met twee
engelen op het deksel en met de tien geboden erin.
Dit ‘Heilige der Heiligen’ werd eenmaal per jaar
door een priester betreden, op Grote Verzoendag. In
de ruimte daarvoor, het Heilige stond het zogenaamde
reukwerkaltaar, de tafel met de toonbroden en de
kandelaar (menora). Waar God is, daar is een goede
geur, daar is brood en daar is licht. Het Heilige is
de dagelijkse ruimte voor de priesters. In de
zogenaamde Voorhof staat het grote (slacht)altaar
waar gelovigen hun offergaven brachten. Later
kwam er de grote tempel in Jeruzalem met eenzelfde
indeling. Vooral katholieke en orthodoxe kerken zijn
gebouwd als tempel
Het voorbeeld voor protestante kerkbouw was veeleer de
joodse synagoge. De eerste synagogen ontstaan in de tijd
van de Joodse ballingschap (587 -539 voor Christus)
omdat vanuit het verre Babel de tempel in Jeruzalem
onbereikbaar was. In het jaar 70 van onze jaartelling
werd de tempel een laatste keer afgebroken om daarna
niet meer te worden opgebouwd.
Met de synagoge kreeg het samenkomen echter ook een
andere functie. Het lezen van de schrift en de gebeden
namen de rol over van het offer. In de synagoge vinden
wij daarom geen altaar, wel een spreekgedeelte, een
kandelaar en natuurlijk een grote kast (ark) met de
thorarollen.
De reformatie heeft het synagogenmodel overgenomen. Het
(Bijbel)woord staat centraal! Dat zie je in Lutherse en
Anglicaanse kerken waar behalve een duidelijke
altaarruimte een centrale plek is ingeruimd voor de
preekstoel. Je zag het nog sterker in Calvinistische
kerken waar er soms alleen de preekstoel overbleef met
een bescheiden doopschaal daaronder bungelend. Dit gold
ook voor onze kerken in Midden –en Zuidoostbeemster. Na
de tweede wereldoorlog kwam er met in Protestants
Nederland een herbezinning op de liturgie wat in de loop
van de jaren voor tal van veranderingen zorgde, ook in
het ruimtegebruik. Zo keerde de paaskaars, de
avondmaalstafel met antependia en het doopbekken terug.
In de Beemster is op dit moment evenals in de meeste ons
omringende protestantse kerken duidelijk sprake van een
gelijkwaardiger positie tussen het woord enerzijds en de
doop en het gebruik van de tafel anderzijds. Wij dopen
allang niet meer in de dooptuin, maar in het midden van
de gemeente en de avondmaalstafels staan op een centrale
plaats in kerk en kapel.
Met de renovatie van de kapel in 2002 is er veel
veranderd. Niet alleen is de kapelruimte veel lichter
geworden. De grote preekstoel, die wel wat weg had van
een Romeinse strijdwagen zonder wielen, is verwijderd.
Een avondmaalstafel met een paaskaars en een doopschaal
is daarvoor in de plaats gekomen. De tafel is ontworpen
door een timmerman naar aanleiding van het Bijbelse
beeld van de ‘wijnstok’: Ik ben de ware wijnstok. De
gebogen vormen in de tafel duiden op wijnstok met
ranken.
Toen de restauratie en de vernieuwing van de kerk in
Middenbeemster gepland werden stond al vrij snel ook de
vernieuwing van de avondmaalstafel en wat daarbij hoorde
op de agenda. In eerste instantie is dit destijds
gekoppeld aan de totstandkoming van de nieuwbouw, zoals
veel zaken daaraan gekoppeld zijn. De nieuwbouw liet op
zich wachten en zo is het realiseren van de liturgische
ruimte daar ook weer los van gemaakt.
Directe aanleiding voor het weer oppakken van deze
plannen was een ruime erfenis van onze voormalige
kosteres Nel Muntjewerff-Laan, overleden in 2007. Samen
met haar man Jo Muntjewerff heeft zij ontelbare uren in
hun geliefde kerk gewerkt en gezorgd. Het leek de
kerkenraad een goed idee om een deel van die gift in
haar kerk zichtbaar te maken ter hunner nagedachtenis en
niet ‘onzichtbaar’ in de algemene middelen te doen
opgaan.
Nu is het eindelijk zover. In de kerkdienst van zondag
17 oktober zullen wij de nieuwe tafel in gebruik nemen
alsmede de nieuwe antependia (liturgische kleden op de
tafel), de nieuwe kaarsenstandaard, een ring waarop de
doopschaal kan rusten, een nieuwe lessenaar en een
nieuwe kandelaar voor de paaskaars.
Het ontwerp van de tafel en toebehoren is gemaakt door
één van onze leden, Volker Ulrich, in samenwerking met
ondermeer Olaf Gipser. Volker zal zichzelf en de tafel
nader presenteren na afloop van de dienst. Op deze plek
kan wel alvast gezegd worden, dat de tafel duidelijk een
product van deze tijd is met spannende vormen en een
gemaakt van een eigentijds materiaal, namelijk Corian.
Corian is aanvankelijk bekend geworden vanuit het
gebruik in badkamers. Op dit moment wordt het, sterk
verbeterd(!), op tal van plekken binnen -en buitenshuis
gebruikt. Hoe de tafel er precies uitziet kunt u zien
vanaf 17 oktober. U moet echter denken aan een blad
papier wat vanuit de vier kanten wordt samengevouwen. Zo
is het woord (papier) aanwezig in de tafel?!
De antependia zijn gemaakt door atelier Claudia Jongstra
(1963). Opgeleid als modeontwerper kwam zij voor het
eerst in de ban van vilt in 1994 toen ze een Mongoolse
yurt te zien in English Textielmuseum zag. Zij begon
kort daarop een onvermoeibaar experimenteren met
vilttechnieken. Het resultaat was een buitengewone reeks
van textiel die net zo robuust als verfijnd waren. Ze
werkt op een autonome en duurzame wijze met controle op
de gehele proces van grondstof tot eindproduct,
kleurstoffen inbegrepen. Dus met een eigen kudde
zeldzame Drentse heideschapen en met een eigen atelier
en ververij. Sinds 2009 houdt Jongstra ook haar eigen
Hortus Botanicus, waar nationale historische rassen van
kleurstofplanten groeien. De tuin fungeert als
laboratorium voor de kleurstoffen, maar tegelijkertijd
is het een bron van inspiratie. Door het kweken van
planten, die vaak zijn inmiddels achterhaald, draagt ze
bij aan het behoud van het erfgoed; zoals zij dat ook
doet met haar schapen. Sinds het midden van de jaren
negentig wordt haar textiel gebruikt in de collecties
van toonaangevende modeontwerpers als Galliano, Donna
Karen en Christian Lacroix. Ook in Star Wars Episode 1
waren jassen van haar stoffen te zien. Op dit moment is
de productie vooral gericht op kleden ter verfraaiing
van het interieur van gebouwen. Zo ontwierp ze
wandtapijten voor o.a. het Catshuis en werkte ze nauw
samen met architecten zoals Jo Coenen en Rem Koolhaas.
In 2008 werd haar werk bekroond met de prestigieuze
Nederlandse prijs voor toegepaste kunst en architectuur:
Het Prins Bernhard Cultuurfondsprijs.
De dienst op zondag 17 oktober begint om 9.30. Muzikale
medewerking is er o.a. van de Classic Frogs. Zij zingen
geheel toepasselijk klassiek en modern!
|